Johan Cruijff: Prins van de paradox

Eredivisie, La Liga, Nederlanders

Onnavolgbaar en ongrijpbaar was Johan Cruijff, als speler en als spreker. ‘Rembrandt en Van Gogh werden ook niet begrepen’, zegt hij in de autobiografie ‘Het Verhaal’, opgetekend door Jaap de Groot. ‘Dat is wat je leert: je bent net zo lang gestoord tot je een genie bent.’

Cruijffs genialiteit op het veld staat niet ter discussie. Hij groeide op in Betondorp, in Amsterdam-Oost. Het Ajax-stadion De Meer, waar Ajax voetbalde van 1934 tot 1996 ligt een paar honderd meter van zijn geboortewiegje. ‘Abe’ noemden ze hem vroeger op straat. Naar zijn idool Abe Lenstra. Met een tennisbal aan de voeten loopt hij op en neer naar school. In de klas speelde hij verder, met de bal onder zijn bureau want dat mag van de juf. 

In de biografie ‘Johan Cruijff’ van Auke Kok vertellen zijn voetbalvrienden van toen dat hij met een bal van afstand raakte wat hij maar wilde: een baksteen op een muurtje, een lantarenpaal en de linker- of rechterbovenhoek van een doel dat op de zijkant van de groentewinkel stond geverfd. Dat hij het met al dat technisch vernuft zal schoppen tot een van ’s wereld beste voetballers kan dan toch nog niemand vermoeden. 

Een baksteen op een muurtje, een lantarenpaal. Met een bal kon Cruyff kon van een afstand alles raken wat hij maar wilde

DOORDOUWERTJE

Cruijff is te klein en te mager voor zijn leeftijd en er was iets mis met zijn voeten. Brede wreven, doorgezakte voeten, slappe spieren, zegt de dokter. ‘Ik was als jochie erg min’, zei hij in 1975 in Boem, een boek waarin Danny en Johan Cruyff in 1975 hun levensverhaal vertelden aan kinderboekenschrijver Jaap ter Haar. ‘Een garnaal, mager, miste kracht. Lichamelijk had ik zowat alles tegen. En toch: ik was een doordouwertje, beweeglijk, kon instinctief anticiperen en spelsituaties overzien. Ik zocht en vond de gaten in de verdediging en dook er met al mijn snelheid en pingel talenten in.’ 

Maar zijn moeder maakte zich zorgen. Wat moest ze met dat kleine ventje met zijn grote mond en zijn gebrek aan zelfbeheersing? Cruijff werd zijn levenlang geplaagd door migraine. ‘Hij liep soms met een elastiekje rond zijn vinger’, zegt jeugdvriendje Leo Happé in Johan Cruijff. ‘Dan had zijn moeder hem wijsgemaakt dat de pijn weg zou gaan.’ En in september 1966 zei Cruijff in De Telegraaf: ‘Het enige nare van een wedstrijd spelen is dat ik na afloop altijd zo’n hoofdpijn heb.’ 

OPVOEDING

Cruijff was een jochie dat kattekwaad uithaalde als elk ander kind. Eens verdronk hij per ongeluk een katje in een melkkoker, vertelt Kok. ‘Mijn opvoeding is door Ajax bepaald’, zegt Cruijff in Mijn Verhaal. Toen hij eens mee mocht met zijn vader Manus om bij Ajax fruitmanden te bezorgen, vroeg terreinknecht Henk Angel of het vijfjarige jochie hem wilde helpen. De rest van zijn leven was Cruijff kind aan huis op de Amsterdamse club. Bij zijn eerste entree in een vol stadion, staat hij naast het doel met een hooivork te prikken, om het regenwater te laten weglopen. Na het latere overlijden van zijn vader Manus noemt Cruijff terreinknecht Angel zijn tweede vader.

Bij zijn eerste entree in een vol stadion staat Cruijff naast het doel met een hooivork te prikken zodat het regenwater kan weglopen

DEBUUTWEDSTRIJD

Na zijn ontdekking door jeugdtrainer Jany van der Veen doorloopt Cruijff snel de jeugdopleiding van Ajax. Hij scoort bij zijn debuutwedstrijd op zeventienjarige leeftijd tegen GVAV, maar Ajax verliest en hij speelt maar tien wedstrijden in een seizoen waarin Ajax teleurstellend eindigt als dertiende. 

Inmiddels heeft wel Rinus Michels zijn entree gemaakt bij Ajax. De voormalige gymleraar en oud Ajax-spits is vastbesloten om van Ajax een toonaangevende professionele club te maken en hij beschouwt Cruijff al snel als zijn vertrouweling. Vanaf zijnachttiende neemt hij Cruijff regelmatig apart en legt hem uit hoe hij wil spelen. Als er tactisch iets niet goed gaat, krijgt Johan de verantwoordelijkheid om dat tijdens de wedstrijd in het veld recht te zetten. Later als trainer pakt Cruijff het ook zo aan met veelbelovende spelers als Marco van Basten en Pep Guardiola. 

GELD

Journalist Simon Kuper vertelt in Mannen van de Bal dat hij zijn leven lang heeft opgekeken tegen Johan Cruijff, maar bij zijn eerste zakelijke contact direct ruzie met hem kreeg. Over geld. Kuper interviewde Cruijff in 2000 voor The Observer, een verhaal waar de Britse krant Cruijff voor betaalde. Toen Kuper in Hard Gras opnieuw schreef over de ontmoeting, was Cruijff woedend: hij vond dat Kuper hem voor het tweede stuk opnieuw met hem moest afrekenen. 

Cruijff is wel getypeerd als een geldwolf, maar als hij vermoede dat anderen aan hem wilden verdienen, had hij geen ongelijk. Na de legendarische mistwedstrijd Ajax-Liverpool kwamen er grammofoonplaten uit met radiofragmenten en Ajax-liedjes. ‘Johan wil je een stuk kaas uit het vuistje’, staat er in een advertentie. De beroemde Johan waar de slogan naar verwijst ziet in zijn portemonnee niks terug van dat soort reclame. Als journalist Frank Bonte op hem afstapt, met de vraag of hij een boekje over hem zal schrijven, vraagt Cruijff: ‘Wat levert dat op?’ Voor tienduizend gulden is hij graag bereid om mee te werken, vertelt Kok in ‘Johan Cruijff’. In 1967 publiceert Bonte de eerste biografie: Oog in oog met Johan Cruyff. ‘De sterkste maakt de dienst uit, de sterkste is hij die geld heeft’, zegt Cruijff in dat boek.

‘De sterkste maakt de dienst uit, de sterkste is hij die geld heeft’

PAPLEPEL

In het gezin Cruijff kreeg Johan het ondernemerschap met de paplepel in gegoten. Het terechte gevoel dat hij voor zichzelf zou moeten opkomen, heeft hem na de dood van zijn vader nooit meer verlaten. En tegen Voetbal International zei hij in 1997: ‘Misschien is de vroege dood van mijn vader wel net dat extra zetje geweest voor mij om me te willen manifesteren of bewijzen.’

Kunstenares Kuin Heuff mocht Cruijff ooit schilderen, voor het televisieprogramma Sterren op het Doek. ‘Hij heeft iets rustigs en vriendelijks, maar er zit wel een hele laag buskruit onder’, vertelt ze in Johan Cruijff. Hij moest hard zijn om te overleven. Met monopoly speelde hij vals tegen zijn eigen kinderen. Als hij op zijn achttiende met het Ajax-bestuur om de tafel gaat voor zijn eerste profcontact, valt het voorstel hem tegen. Zijn moeder vindt dat hij moet tekenen, maar Cruijff is eigenwijs. ‘Ik teken dit niet’, zegt hij en dan scheurt hij met bonzend hart het papier in tweeën. Jullie bekijken het maar. ‘Later heb ik me afgevraagd waar ik toen de brutale lef vandaan heb gehaald’, zei hij in Boem. ‘Ik denk, omdat ik vanaf mijn jongste jaren al met het voetbalwereldje was vergroeid.’

Met bonzend hart scheurt Cruijff zijn contract in tweeën. ‘Later heb ik me afgevraagd waar ik toen de brutale lef vandaan heb gehaald’

‘Aangezien hij geen vader meer had die voor hem kon smoezen en zijn moeder te veel ontzag had voor de hoge heren, moest hij het zelf doen’, schrijft Kok. Het werkt. Ajax stelt een nieuw, vierjarig contract voor hem op. Hij gaat 10 duizend gulden per jaar verdienen, exclusief wedstrijdpremies. Met Piet Keizer, Co Prins en Henk Groot behoort hij tot de eerste lichting Ajax-profs onder Rinus Michels.

Als hij later voor het eerst thuis komt bij zijn schoonvader Cor Coster, vraagt die of Johan een spaarrekening heeft. Die heeft hij niet. Vanaf dat moment regelt Coster zijn financiën. Bij zijn contractonderhandelingen neemt Cruijff Coster mee. Het Ajax-bestuur wil er niks van weten, maar Cruijff houdt voet bij stuk: ‘Jullie zitten hier met zijn zessen, waarom mag ik niet iemand erbij hebben die mij helpt’, zegt hij in Mijn Verhaal.

FILOSOOF

Cruijff beschouwde zichzelf als een goede spreker, maar was zich ook bewust van zijn beperkingen. ‘Ik schijn af en toe niet goed te formuleren, maar over het algemeen begrijpt iedereen me wel’, zei hij in 2007 in het televisie programma Nova. ‘Het is eigenlijk dat ik sneller denk dan praat. Vaak ben ik er al voorbij en dan moet ik het nog zeggen.’

In Mannen van de Bal vergelijkt Simon Kuper hem met de grote filosofen, omdat Cruijff net als hen een meester is van de paradox: ‘Toeval is logisch’, ‘Voordat ik een fout maak, maak ik die fout niet’, zijn maar enkele voorbeelden van uitspraken van Cruijff waarin schijnbare tegenstellingen verborgen liggen.  Paradoxaal of niet, als het om voetbal gaat verwoordt Cruijff schijnbaar eenvoudige, maar bij nader inzien briljante inzichten. ‘Om iemand te helpen moet je niet naar hem toelopen’, legde hij eens uit in het televisieprogramma van Barend en Witteman. ‘Iedereen zegt: als je iemand wil helpen, dan moet je naar hem toelopen. Maar je helpt iemand het meest, als je van iemand wegloopt.’ 

‘Die Italianen kunnen normaal gesproken nooit van ons winnen maar je kunt wel van hun verliezen’, zegt hij tijdens het Europees Kampioenschap van 2000 in NOS Sport. Het spelen van totaalvoetbal let erg nauw, legt hij uit in Mijn Verhaal. ‘Het kan niet zo zijn dat iemand in zijn eentje gaat jagen. Dan werkt het niet. Iemand begint met provoceren en dan moet het team als geheel meteen gaan schakelen.’ 

EGERNIS

Met zijn vlotte babbel en soms grote bek wekt Johan Cruijff zijn levenlang veel ergrnis op in zijn omgeving. Flipper was zijn bijnaam bij Ajax, naar de goedbedoelende, maar soms al te veel kwetterende dolfijn. 

Later in zijn carrière zegt teamgenoot Bobby Stokes dat ze bij de Washington Diplomats niet alleen Cruijff hadden moeten kopen, maar ook watjes die zijn medespelers in hun oren zouden kunnen stoppen, om te voorkomen dat Johan die van hun hoofd kletste. 

AANVOERDERBAND

Cruijff was blijkbaar onverbeterlijk, ondanks zijn ervaringen uit het verleden. 

In 1973 hadden zijn medespelers hem de aanvoerdersband afgepakt en kozen een nieuwe leider uit hun midden: Piet Keizer, die eerder ook al aanvoerder was geweest. Veel teamgenoten zijn het beu dat hij in het veld de hele tijd tegen hen staat te praten en schreeuwen. Alle commerciële activiteiten die hij ontplooit wekken ook hun ergernis en misschien jaloezie. 

Voor Cruijff komt de coupe als een volslagen verrassing. Hij probeert te begrijpen wat hij fout heeft gedaan. ‘Als aanvoerder was ik sociaal, maar ook asociaal’, zegt hij in Mijn Verhaal. Hij heeft het gevoel dat de verhoudingen in de selectie scheef zijn komen liggen na de komst van Kovács en het vertrek van Michels naar Barcelona: ‘Waterdragers dachten de champagnedragers te kunnen zijn’. 

RECALCITRANT

Terecht of niet, Cruijff heeft vijanden gemaakt, een probleem waar hij zijn hele leven tegenaan zal lopen. Een braaf ventje is hij nooit geweest. Bij Ajax vinden ze hem ‘recalcitrant’, schrijft Kok. Ze laten hem strafregels schrijven: ‘Ik moet in een wedstrijd me netjes gedragen en fair blijven spelen’ (50 keer). Als jeugdtrainer Jany van der Veen, zegt dat hij moet kaatsen en niet moet aannemen, doet Cruyff prompt het omgekeerde. Hij neemt de bal aan, Scoort en werpt een blik naar de trainer: Zie je wel?

Kok noemt hem de meest gestrafte speler van de jaren zestig. Als Michels zei dat de spelers in bad moesten, zei Johan: ‘Ja lekker, ik ben net geweest. Als u zegt spring in die smerige sloot, dan doe ik dat ook niet.’ Hij ging liever biljarten: boete voor Cruyff. Kok schrijft: ‘Te laat op de training. Boete voor Cruijff. Smokkelen tijdens de duurloop. Boete voor Cruijff. Verkeerde trainingskleren. Boete voor Cruijff.’

Zijn ongelijk toegeven was er niet bij. Als Cruijff weigert op Puma-schoenen te spelen, ondanks een contractuele clausule, stelt de rechter hem in het ongelijk. Het excuus dat hij met zijn beschadigde enkelband Adidas-schoenen nodig heeft, snijdt volgens de rechter geen hout. Ondanks een uitspraak van de rechter geeft Cruijff niet, toe. ‘Hij bleef gewoon op Adidas spelen, zij het met onzichtbaar gemaakte strepen.’ In 1969 komt de aap uit de mouw: Cruijff tekent een nieuw contract met Puma voor 25 duizend gulden per jaar in plaats van de vijftienhonderd die hij eerder kreeg. 

Kok schreef in zijn biografie dat Johan Cruijff jaarlijks een miljoen euro kreeg uitgeleerd door zijn eigen Foundation. Die bewering moest hij van de rechter rectificeren. Hij kreeg het geld van de loterijen waarvoor hij tussen 1998 en 2003 promotiewerk deed, zo blijkt uit documenten die de Volkskrant heeft in gezien, en waarover de krant op 22 november 2019 publiceerde. 

BARCELONA

Nadat zijn medespelers bij Ajax hem in 1973 als aanvoerder hebben laten vallen vertrekt Cruijff naar Barcelona, tegen zijn wil, want hij had als jonge vader juist besloten dat zijn kinderen in Nederland zouden opgroeien. 

Bij Barcelona, terug onder de vleugels van Michels heeft Cruijff opnieuw het idee dat zijn leiderschap wordt geaccepteerd. Direct in zijn debuutseizoen wordt hij kampioen met Barcelona. Ondanks het succesvolle begin loopt Cruijffs carrière in Catalonië eigenlijk uit op een teleurstelling, al wint hij in 1978 met Barcelona nog wel de Spaanse beker. In datzelfde jaar nog stopt hij met voetballen.Bayern München vernedert Ajax in zijn afscheidswedstrijd met 8-0. 

‘SLOT’ VAN ZIJN VOETBALCARRIÈRE

Na zijn afscheidswedstrijd wordt Cruijff, zoals hij het zelf noemt ondernemer, en dat is niet bepaald een succes. Op aandringen van zakenman Michel Basilevich investeert hij miljoenen in de varkensfokkerij en in grond. Het was in Cruijffs eigen woorden een fase waarin hij de controle een beetje kwijt is. ‘Ik zag mijn schoonvader nog maar drie vier keer per jaar’, vertelt hij in Mijn Verhaal. ‘Op een gegeven moment ben je bezig je eigen kennissenkring op te bouwen. Een van die kennissen zegt iets en daar loop je achteraan. Achter iets waar je geen verstand van hebt. Want waar het geld is daar lopen alle ratte omheen. Dat weet je nu eenmaal, alleen dat wist ik toen niet.’

Cruijff denkt dat hij grond gekocht heeft, maar als zijn schoonvader vraagt waar de eigendomspapieren zijn, blijkt hij die niet te hebben. Binnen een half jaar nadat hij dacht te kunnen stoppen als voetballer, is Cruijff bijna al mijn geld kwijt. Hij is besodemieterd. ‘Schrappen uit je hoofd, die hele handel’ adviseert zijn schoonvader. ‘Accepteer je verlies en ga weer doen waar je goed in bent.’ Dus gaat hij weer voetballen.

SCHONE LEI IN AMERIKA 

In de Verenigde Staten speelt Cruijff voor de Los Angeles Aztecs en daarna voor de Washington Diplomats. ‘Amerika was echt een schone lei’, zegt hij in Mijn Verhaal. ‘Ver weg van Europa, waar iedereen me aan het uitlachen was, kwam ik in een totaal andere wereld terecht.’

In deze vreemde nieuwe wereld, redt Cruijff zich wederom, met zijn intuïtie en zijn aan zelfoverschatting grenzende zelfverzekerdheid.Nadat New York Cosmos-coach Gordon Bradley zijn teambespreking heeft gehouden, en de tactiek op een bord heeft uitgetekend staat Cruijff op om de opstelling uit te vegen. ‘We gaan het anders doen’, zegt hij tegen zijn medespelers. 

Beroemd is de anekdote dat hij een taxichauffeur in Chicago vertelde hoe hij moest rijden, ondanks het feit dat hij de Amerikaanse stad in zijn leven nooit eerder had bezocht. In zijn boek over Cruijffs jaren in Amerika schrijft Pieter van Os dat hij naast de buschauffeur van de Los Angeles Aztecs gaat staan als die de weg kwijtraakt tijdens een trainingskamp in de Amerikaanse staat Florida. 

SLOTAKKOORD

In 1981 keert Cruijff terug naar Nederland, waar hij zijn carrière voorziet van een waanzinnig slotakkoord. Hij wint twee landstitels met Ajax en vertrekt na weer een financieel conflict in 1984 naar Rotterdam. ‘Ajax schreef me af’, zei Cruijff daarover in 1991 tegen Voetbal International. ‘Ik laat me niet afschrijven. Ik wilde zelf bepalen wanneer ik zou stoppen. Daarom wilde ik sportief een revanche nemen. Er waren twee mogelijkheden, PSV of Feyenoord. Eindhoven was te ver weg, ik wilde niet verhuizen. Daarom ben ik naar Feyenoord gegaan.’Met Feyenoord wordt Cruijff opnieuw kampioen. 

PSYCHOLOGEN

Verschillende psychologen hebben geprobeerd om Johan Cruijff te doorgronden. Volgens Dolf Grunwald, Ajax-psycholoog en adviseur van Rinus Michels, was hij gefixeerd op zijn overleden vader. ‘Ik bespeur duidelijk de neiging om te protesteren om het protest’, schrijft Grunwald, in zijn aantekeningen waar Menno de Galan toegang toe kreeg voor zijn boek Trots Van De Wereld, Michels, Cruijff en het Gouden Ajax van 1964-1974. ‘Hij is zó onzeker over zijn relatie tot anderen en zó bang om klein gevonden te worden dat hij niet rustig kan wachten tot een ander iets gaat zeggen.’ Ook de later door Michels ingeschakelde psychiater Roel Zeven verklaart zijn gedrag voor een belangrijk deel uit de vroege dood van zijn vader en de geldzorgen die daarop volgden. 

Volgens Ajax-psycholoog en adviseur van Rinus Michels Dolf Grunwald was Cruijff gefixeerd op zijn overleden vader: ‘Ik bespeur duidelijk de neiging om te protesteren om het protest’

KLOKKIE

De interessantste ontleding van zijn drijfveren in Koks biografie komt niet van de psychologen, maar van zijn financieel adviseur Harrie van Mens. Hij spreekt van een magisch zelfbeeld. 

In Mijn Verhaal bekent Cruijff dat hij sinds zijn dood altijd met zin vader heeft gepraat. Hij is ervan overtuigd dat zijn vader na zijn dood bij hem is gebleven, en dat bedoelt hij bijna letterlijk. Bij iedere moeilijke beslissing in zijn leven vraagt hij hem om goede raad. Johan vraagt zijn overleden vader te bewijzen dat hij er nog altijd voor hem is. ‘Ik vroeg hem mijn klokje stil te zetten, wanneer hij, in wat voor vorm dan ook, in mijn nabijheid was. De volgende ochtend stond mijn klokkie stil.’ Een horlogemaker kan niets vinden, maar de nacht erop staat het klokje wederom stil. ‘Die avond heb ik tegen mijn vader gezegd dat hij me had overtuigd. Mijn klokje is toen weer gaan lopen en heeft ooit meer stilgestaan. Ik draag hem nog dagelijks.’

MAGISCH

Onderdeel van Cruijffs ‘Magische Zelfbeeld’ was zijn overtuiging dat zijn vader met hem meekijkt en hem beschermt. Dat hij in zaken onderuit was gegaan en daarna zijn oude vak van voetballer opnieuw en met veel succes had opgepakt beschouwde hij als een schikking van het lot. ‘Johan was ervan overtuigd dat voor hem andere regels golden’, zegt Van Mens in ‘Johan Cruijff’. ‘In alles wat hij deed stond zijn eigen denken centraal. Hij rekende volledig op de inzichten die hij als voetballer had opgedaan en past die zelfverzekerd op andere gebieden toe.’

Hiervan bestaan talloze voorbeelden. Na de verloren WK-finale van 1974 tegen Duitsland, vertelt hij koningin Juliana dat ze de belastingen moet verlagen. Omdat de verkeerslichten in Amsterdam niet goed staan, vindt Cruijff zelf dat hij niet hoeft te stoppen voor rood licht. 

Andersom werkte het ook; Cruijff paste zijn kennis uit het leven ook toe op het voetbal. ‘Hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik tot de conclusie kom, dat mijn gezin een rol heeft gespeeld in het ontstaan van totaalvoetbal’, vertelt hij in Mijn Verhaal. Logisch toch? Net als voetballers moet een jonge vader niet alleen oog hebben voor zichzelf, maar voor iedereen in zijn gezin. ‘Vrijwel alles wat je richting één persoon doet, raakt ook de ander.’

FAMILIEMAN

Dat zijn status als familieman schade opliep, was een smet op de succesvolste episode in zijn carrière, het Wereldkampioenschap voetbal in 1974. Het Duitse tijdschrift Bild publiceerde een paar dagen voor de finale een artikel waarin staat dat de Nederlandse spelers na de wedstrijd tegen Oost-Duitsland in het Waldhotel in Hiltrup met naakte dronken meiden hadden gezwommen. Niemand beschuldigt de Oranje-spelers van seksuele handelingen, maar Cruijffs vrouw Danny was woedend en bleef hem maar bellen. ‘Indianenverhalen’, zegt Cruijff erover in de biografie van Telegraaf-journalist Jaap de Groot. Maar in zijn eerste biografie ‘Wij waren de besten’, citeerde Auke Kok al getuigen die zagen hoe Cruijff keer op keer stond te bellen in een telefooncel van het hotel, eindeloos lang, en hoe hij daarna bezweet naar buiten kwam. 

De ‘familieman’ Cruijff was aangeslagen. Ook de avond voor de finale stond Cruijff met Danny te bellen en volgens zijn broer Henny is dat de reden dat hij in de finale speelde als ‘een vaatdoek’.

Het is een interessante analyse, maar heel overtuigend is die niet. Ja het is waar, het is contrast is enorm voor wie de wedstrijden terugkijkt en het spel in de halve finale tegen Braziliëvergelijkt met het optreden in de finale tehen Duitsland. Tegen Brazilië jaagt en vliegt Oranje de tegenstander onvermoeibaar op, als een troep wilde honden. Tegen de Duitsers lijkt Oranje het verlies gelaten te accepteren. Probleem is wel: Bild publiceerde het zwembadstuk al op 2 juli, dus voordat Nederland de halve finale speelde. En bovendien: Cruijff begint de finale juist flitsend. Direct bij zijn eerste actie pikt hij de bal op eigen helft op en dringt hij het strafschopgebied van de Duitsers binnen. Hij wordt neergehaald en Neeskens benut de strafschop. 

Daarna kruipt er iets gelatens over de Oranjespelers. Het is alsof ze het wereldkampioenschap onaangedaan door hun vingers laten glippen. 

VERKLARINGEN

Cruijff ontkent dat hij voor de finale veel met zijn vrouw gebeld heeft. ‘Danny zat toen in ons tweede huis in de bergen bij Andorra, op een plek waar nog geen telefoonverbinding was’, vertelt hij in Mijn Verhaal. ‘We konden daardoor met geen mogelijkheid contact met elkaar krijgen. Pas na de finale heb ik voor het eerst weer met haar gesproken. Dat ik door de publicatie in Bild minder geconcentreerd zou zijn geweest is flauwekul. Volledige flauwekul.

Zelf heeft Cruijff voor het verlies altijd andere verklaringen gezocht en gevonden. ‘Behalve dat Rensenbrink, Jansen en Rijsbergen zwaar geblesseerd waren, stokte het in de finale op een belangrijk onderdeel: de wisselwerking tussen Arie Haan als laatste man en mij liep niet’, zei hij in december 1974 tegen Vrij Nederland. ‘De tactiek was daarvan afhankelijk. Bovendien was ik geestelijk doodmoe in de finale.’ 

ARGENTINIE

Bij het wereldkampioenschap van 1978 in Argentinië, waar Nederland opnieuw de finale verliest, is hij er wederom niet bij. In zijn boek Briljant Orange schrijft David Winner, dat Cruijff om dit wereldkampioenschap om ‘familieredenen’ liet schieten. Zijn vrouw zou niet van plan zijn haar man opnieuw voor een maand uit het oog te verliezen. 

In Briljant Orange schrijft David Winner, dat Cruijff het WK van 1978 om ‘familieredenen’ liet schieten. Volkomen onzinnig, aldus Cruijff zelf

Volgens Cruijff zelf is ook dit verhaal volkomen onzinnig. ‘Omdat Danny zogenaamd niet wilde dat ik naar het WK ging, zou Nederland een WK door de neus zijn geboord. Als je dan als familie het werkelijke verhaal weet, dan ervaar je zoiets als een klap in je gezicht.’ De ware reden voor zijn afwezigheid is volgens Cruijff een overval aan waarbij hij op 19 september 1977 een geweer tegen zijn hoofd gedrukt krijgt. Cruijff kreeg daarna permanente politiebewaking, maar mocht er met niemand over praten. ‘Wie onder zulke omstandigheden zijn gezin achterlaat is niet goed bij zijn hoofd.’

Biograaf Auke Kok voert in zijn boek bronnen aan die stellen dat ‘familieman’ Cruijff zijn vrouw wel vaker ontrouw was. Als zij de waarheid spreken is het een van de vele tegenstrijdigheden in zijn leven. In wat hij deed en zei, beheerste de paradox het leven van Nederlands beste voetballer allertijden. 

Geef een antwoord